* Redders

door Niels De Baets

De redders aan de Belgische Kust

door Sarah Stroobant1
flickr:3097771094

Structuur, organisatie en werking:

Inleiding:

Intercommunale samenwerking:

Gemeenten mogen zich verenigen om welbepaalde zaken van gemeentelijk belang gemeenschappelijk te regelen en te beheren. Ook andere publiekrechtelijke personen kunnen deel uitmaken van een intercommunale (bv. de provincie). Dit recht is evenwel niet onbeperkt. Het moet gaan om een gemeentelijk belang, en vervolgens moet het om welbepaalde oogmerken van gemeentelijk belang gaan.
De oprichting van de Intercommunale Kustreddingsdienst West-Vlaanderen (I.K.W.V)
In oktober 1979 werd in de provincieraad een voorstel om een commissie op te richten die de mogelijkheid zou onderzoeken tot instelling van een intercommunale voor Hulp- en reddingsdiensten, voor onderzoek naar Bestendige Deputatie verwezen. De provinciale commissie voor zwem- en reddingsbrevetten, die sinds 1959 instond voor de opleiding en de vorming van de redders, en later voor de begeleiding van de kustreddingsdiensten heeft herhaaldelijk de problematiek van de onbewaakte zones aan de dagorde van haar vergaderingen gesteld.
Uit een studie kwamen drie elementen op de voorgrond:

1. Het voortdurend aangroeiend aantal strandbezoekers na de tweede wereldoorlog noodzaakt een uitbreiding van de bewaakte zones, die steeds opnieuw overbevolkt geraken. Hieruit volgt dat steeds meer mensen de onbewaakte stroken gaan opzoeken. De evolutie is duidelijk: in 1959 telden we 9,5 km bewaakte zone, in 1980 reeds 24 km. Bovendien was er het feit dat de gemeentelijke reddingsdiensten over onvoldoende aangepaste uitrusting beschikten.

2. In de periode van 1960-1979 koste het aantal verdrinkingen in de onbewaakte zones 146 mensenlevens. Opmerkelijk daartegenover is dat sinds 1973, het jaar waarin het peil van de opleidingscursus werd opgetrokken naar een hoger niveau, er geen verdrinkingen meer te betreuren vielen in de bewaakte zones.

3. De enorme verscheidenheid in werkmethodiek van de verschillende gemeentelijke reddingsdiensten, het gebrek aan coördinatie en aan samenwerking, blijft zeker niet bevorderlijk voor de veiligheid van de baders en heeft dan ook een ongunstige weerslag voor het toerisme.
In het beleidsadvies, dat in de studienota werd aangebracht werd dan ook voorgesteld om de bewaakte strandzones gradueel te gaan uitbreiden, zonder merkelijke verhoging van het personeelseffectief doch op voorwaarde dat:

1. Een overkoepelend orgaan een rationeler aanwending van personeel en materieel op zich zou nemen;

2. Het beschikbaar materieel, dat sterk gediversifieerd en meestal verouderd was, geleidelijk zou vervangen worden door een unif

orme en moderne uitrusting. De gemeenten De Panne, Koksijde, Nieuwpoort, Middelkerke, Oostende, Bredene en Knokke-Heist zien onmiddellijk de voordelen in van een samenwerkingsverband, en besluiten in 1982 om samen met het provinciebestuur West- Vlaanderen de Intercommunale Kustreddingsdienst West- Vlaanderen op te richten. De doelstelling is zeer duidelijk: de vereniging heeft tot doel de veiligheid van baders, zwemmers ( in latere fase ook watersportbeoefenaars) langs de West-Vlaamse kust maximaal te waarburgen en aldus mede het toerisme aan deze kust te bevorderen. Zij streeft dit doel na met alle middelen,waaronder voornamelijk het organiseren, coördineren en begeleiden van de kustreddingsdiensten. De vereniging mag alle verrichtingen uitvoeren die rechtstreeks of onrechtstreeks met het maatschappelijk doel verband houden. De voordelen van de samenwerking worden overduidelijk, maar het duurt tot in 1995, respectievelijk 1996 vooraleer de steden Blankenberge en Brugge beslissen om toe te treden. Met ingang van het badseizoen 2000 is ook de gemeente De Haan lid van de intercommunale, waardoor nu alle kustgemeenten deel uit maken van het I.K.W.V. .2

Structuur:3

In de structuur van I.K.W.V onderscheiden we twee niveaus:

1. Een beleidsniveau, dat beslist hoe en met welke middelen er zal gewerkt wordenom maximale veiligheid voor baders, zwemmers en watersporters te garanderen. Met welke middelen? Het betreft zeer specifieke werkmiddelen. Het beleid zal evenwel rekening houdende met de beschikbare middelen nl. het budget, bepalen welke middelen zullen ingezet worden.

2. Een uitvoeringsniveau, moet instaan voor de correcte uitvoering van het door de beleidsmensen uitgestippelde beleid.

I.K.W.V.: beleidsniveau en uitvoeringsniveau.
Alle kustgemeenten hebben dus de organisatie en de werking van de strandreddingsdienst toevertrouwd aan de I.K.V.W. Dit betekend zeker niet dat de gemeenten niet betrokken zijn bij het beleid. Intgendeel, zoals eerder al vermeld is de inbreng van de gemeenten zelfs bepalend voor het volledige beleid. Het gaat in feite om een samenwerkingsakkoord, waarmee de deelnemers instemmen vanaf het ogenblik dat ze toetreden tot de I.K.W.V. . voor wat betreft het uitvoeringsniveau gelden in principe dezelfde regels. Alle diensthoofden komen minstens twee keer per jaar bijeen, o.a. met het oog op het tot stand brengen van een zo groot mogelijke uniformiteit met betrekking tot manier van optreden, praktische organisatie enz… .

Beleidsorganen van I.K.W.V
Uitvoeringsorganen

Samenwerking met andere diensten:

Er zijn ook andere diensten actief binnen ditzelfde werkveld. De redders moeten ook weten op welke andere instanties ze kunnen of moeten beroep doen.

• Posten voor medische hulpverlening. Op ieder strand zijn er hulpposten voorzien die instaan voor eerste hulp bij ongevallen op het strand. ( Meestal posten van het Rode Kruis maar kan ook in eigen beheer zijn.)
• De zeereddingsdienst: dat is een staatsdienst, ressorterend onder het bestuur van het zeewezen, directie Loodswezen te Oostende. Zijn opdracht is hulp en bijstand te verlenen op zee aan vaartuigen en/of personen die in nood zijn. Er zijn drie reddingsstations langs onze kust waar deze dienst voortdurend paraat staat: Oostende, Zeebrugge en Nieuwpoort.
• De vrijwillige Zeereddingsdienst van Blankenberge.
• De Heliflight-Seaking: het Rescue Sub Centre is gevestigd in Koksijde. Voor reddingsoperaties, bijstand en opsporen van drenkelingen in zee kan steeds beroep gedaan worden op een Seaking.
• Hulpcentrum 100: er zijn in ons land 16 hulpcentra 100 die instaan voor dringende medische hulp in noodgevallen.
• Brandweer
• De plaatselijke politie.

afsprakenregeling:

Op initiatief van de heer Paul Breyne gouverneur van West-Vlaanderen, werd er een afspraken regeling uitgewerkt met als doel tot sluitende afspraken te komen met betrekking tot de werkwijze die zal gevolgd worden bij het binnenkomen van een alarmeringsbericht dat de melding maakt van drenkelingen aan de Belgische kust evenals het aanduiden van de instantie die de operaties coördineert en het vastleggen van alarmeringsschema's dat moet worden gevolgd. Deze overeenkomst is van toepassing langs de ganse Belgische kust vanaf de Franse grens tot aan de Nederlandse grens, vanaf de waterlijn langs landzijde tot daar waar de middelen van de ondertekende partijen (op zee) reiken.

mogelijke ongevalsituaties:

Deze afsprakenregeling is van toepassing wanneer een drenkeling gesignaleerd wordt die vanaf het strand de visu kan worden waargenomen en waarvan de lokatie redelijk nauwkeurig is. Deze afsprakenregeling is van toepassing wanneer een persoon als vermist wordt opgegeven en de lokalisatie heel onnauwkeurig is, zodat zoekacties moeten worden georganiseerd. Deze opsomming is niet limitatief. De afsprakenregeling is voornamelijk van toepassing wanneer gezamelijke acties van op zee en van op land moeten worden georganiseerd.

onmiddellijk te ondernemen acties:

De dienst die ter plaatse is of als eerste op de plaats waar de drenkeling gesignaleerd is of vermoed wordt, aankomt, onderneemt de eerste redding- en hulpverleningsacties, daartoe behoort ook de alarmering en coördinatie.

alarmering:

De dienst aan land die als eerste in kennis zou gesteld worden van een noodoproep verwittigt het HC 100 West-Vlaanderen. De dienst op zee die als eerste in kennis zou gesteld worden van de noodoproep verwittigt het MRCC te Oostende. Het HC 100 en het MRCC brengen elkaar op de hoogte van de bij hen binnengekomen alarmberichten en brengen elk hun specifiek alarmeringsschema op gang. Indien nodig kunnen zij respectievelijk het Algemeen Provenciaal Rampenplan of het Rampenplan Noordzee activeren. De Centrale 100 verwittigt, tenzij het bericht van de betrokken dienst afkomstig is

  • de bevoegde brandweer
  • de bevoegde ambulancedienst 100
  • de MUG-heli/ MUG-wagen
  • de 101-centrale (politie)
  • de strandreddingsdienst
  • het MRCC

Het MRCC verwittigt, tenzij het bericht van de betrokken dienst afkomstig is:

  • de eigen reddingsvaaruigen
  • de SAR- helicopter Koksijde
  • de vrijwillige zeereddingsdienst Blankenberge (voor de kust ten oosten van Oostende).
  • buitenlandse reddingsdiensten
  • HC 100

alarmeringsschema's

preventie:

Er bestaan verschillende acties in verband met de preventie aan acties

signalisatie

Unless otherwise stated, the content of this page is licensed under Creative Commons Attribution-ShareAlike 3.0 License

SSL configuration warning

This site has been configured to use only SSL (HTTPS) secure connection. SSL is available only for Pro+ premium accounts.

If you are the master administrator of this site, please either upgrade your account to enable secure access. You can also disable SSL access in the Site Manager for this site.